Ego
History / Ego
Geschiedenis

OVER
MEZELF
MIJN
PERSOON
MIJN
MENING
MIJN
OVERTUIGING
HOBBY'S
GESCHRIFTEN
MIJN
PERSOON
Ik
heet
Renatus Petrus Bernardus Antonius Meijer, ookwel
gewoon René genoemd. Ik ben
geboren
de 23e september 1954
in Breda. Ik ben van
het mannelijk
geslacht (voor het eerst dat het mijn ouders lukte,
ik had al twee zusjes). M'n vader gaf me als brave
katholiek zoveel voornamen omdat Meijer zo
gewoontjes is. Zo zou ik beter opvallen (mij nog
niet opgevallen). Afijn ik mag ook nog eens Drs.
voor mijn naam zetten omdat het me gelukt is de rit
van zes jaar aan de Groninger Universiteit uit te
zitten. Ik deed dat natuurlijk wel in een
interessante studierichting:
de psychologie. Mijn vader (zaliger) was
kinder-psycholoog, vandaar. Hij zei me in de
pubertijd: 'Je kan altijd nog tekenen (mijn eerste
keuze) op latere leeftijd, maar van studeren komt
dan misschien niet veel meer terecht'. Zodoende heb
ik maar zo goed mogelijk m'n tweede keuze voor de
psychologie gevolgd i.p.v. mijn eerste keuze voor
het (grafisch) tekenen. Ik had op de middelbare
school alleen maar negens voor tekenen. Ik wilde
dus ook naar de kunstakademie.
Redde mijn vader mijn gezonde verstand? Lees
hieronder daar verder over!
Over
mijn burgelijke
status kan ik
zeggen dat ik ongetrouwd ben. Ik heb wel een aantal
relaties achter de rug, waarvan één
duurzame (7 jaar samengewoond). Van een huwelijk
kwam het nooit vanwege mijn overtuigingen. Mijn
leven ontwikkelde zich dermate dynamisch dat in
feite geen vaste partner mij kon volgen. Ik heb
steeds gekozen voor het ontwikkelen van mijn liefde
voor de kennis, i.p.v. mijn liefde voor de materie
(sex en geld). Ik deed i.v.m. die liefde dan ook
mee aan allerlei sociale organisaties die een
bepaalde liefde voor de kennis voorop plaatsten.
Dat waren de Universiteit, waar ik in hoofdzaak
slechts gestudeerd heb, een vervolgopleiding voor
de zelfstandige praktijk en verdere spirituele en
religieuze vormen van saamhorigheid (ashrama's,
kloosters, meditiecentra e.d.). Ik heb vanuit mijn
gedragswetenschappelijke achtergrond altijd veel
belangstelling
gehad voor sektarische
groeperingen,
me verbazend over de menselijke motivatie erachter.
Waarom doen mensen zoiets, wat mankeert er aan onze
samenleving en wat gaat er fout met al die idealen?
Om die reden bezocht ik een aantal spirituele
gemeenschappen indachtig het bijbelse dictum
'onderzoek alles en behoud daarvan het goede'. Ik
maakte deel uit van de Sai Baba-beweging, de Hare
Krsna-beweging en de Rajneesh-beweging en werkte in
een New Age centrum. Steeds ben ik teruggekeerd
naar mijn zelfstandige praktijk waarin ik een
combinatie van yoga en westerse overtuigingen
huldig. Als psycholoog ben ik al jaren
niet
meer psychotherapeutisch
aktief. Ik
heb dat bewust afgesloten, mezelf meer geschikt
vindend voor de vrije zelfverwerkelijking zoals ik
het altijd de clienten zat aan te raden. Praktiseer
wat jezelf predikt. Mensen kunnen
nog steeds bij mij op bezoek
komen
voor de (mijn) Yoga.
Maar ik zeg iedereen die dat wil van te voren dat
ik meer geinteresserd ben in praten dan in
gymnastiek. En dan laat iedereen me met rust. Ik
ben eerlijk, zo zij het. Ik heb ook liever dat
iedereen tevreden is met zijn eigen
zelfverwerkelijking en niet een ander lastig valt
met hoe dat dan zou moeten. Ik streef naar een
wereld waarin iedereen voldoende is opgevoed,
geschoold en geinformeerd om dat zelfstandig als
een volwassene aan te kunnen.
Mijn
dienstbaarheid
ligt dus op het creatieve
vlak. Ik
ontwikkel allerlei ideeën en toepassingen waar
ik zelf goed mee kan leven en waar een ander ook
wat aan kan hebben. Een voorbeeld daarvan is
De
Orde van de Tijd,
een internet-site die fungeert als een
participatie-platform waar iedereen aan kan meedoen
met zijn creatieve inzet, zonder direkt door het
ego in de weg te worden gezeten. Ik teken dus niet
als persoon voor De Orde (en een ander, al was het
de Heer zelve, kan zijn stempel er ook niet op
drukken), maar wel als
vriend.
Als De Orde de wereld regeert, is het niet ik die
de wereld regeert, maar dat waar ik voor sta,
tezamen met de mensen die er ook sympathie voor
hebben. Ookal zou ik de enige zijn die inhoud geeft
aan De Orde van de Tijd, dan nog
beschouw
ik mezelf niet als degene die het allemaal gedaan
heeft. De
dienaar van iets kan niet dat iets zelf zijn. Dat
iets kan bestaan dankzij de liefde van in feite de
hele sameleving die dat mogelijk heeft gemaakt. Dus
wie moet je dan bedanken?
Economisch
besta ik praktisch van
wat
de regering me doet
toekomen als
dank voor mijn geleverde arbeid. Aangezien ik nogal
de vrijheid nodig heb om mijn eigen weg te kunnen
bepalen, leef ik dus doorgaans, tenzij ik een
creatief produkt aan de man breng of gewaardeerd
wordt voor andere diensten, van de sociale
zekerheid. Ik zie mezelf niet als werkeloos, maar
als een ambtenaar met een minimale taakstelling en
een maximale inzet. Een grote vrijheid impliceert
nog niet een gering verantwoordelijkheidsbesef. De
regering mag mij ter verantwoording roepen, en ik
laat me ervoor betalen. Geld lijkt mij meer een
uitdrukking te zijn voor de mate waarin ik mijn
vrijheid heb ingeleverd. Ik ben voor de bevrijde
mens, dus voor de minimale aanpassingsbeloning
genaamd uitkeringen, waarvoor andere normen en
waarden gelden dan voor het z.g. salaris. Ik maak
me vaak zorgen over dit meten met twee maten, maar
vanuit de idealen van De Orde van de Tijd zie ik er
toch wel een toekomst in. Je kan nu eenmaal niet
allemaal deeluitmaken van dezelfde Orde, aangezien
iedereen in zijn leven wel eens een alternatief of
tegengestelde wil beproeven als noodzakelijk
psychologisch (politiek?)tegenwicht (zonder
verschil geen bewustzijn <of democratie?>).
Als de hele wereld In Orde zou zijn, dan hadden we
wel het verschil tussen thuisblijvers en kosmische
reizigers of iets dergelijks. Onderscheid is
gevaarlijk, maar toch levensnoodzakelijk. Dat
spanningsveld is voor mij het resultaat van de
noodzaak van bewuste keuze en kontrole.
Wat geld betreft
ben ik dus minimaal gemotiveerd. Het gaat mij niet
zozeer om geld (ruilmiddelen) verdienen als wel om
het eren van de peroon. Ik wil dus wel de persoon
recht doen, en niet zozeer het geld voorop. Geld is
niet in mijn belang, omdat ik er geen kontrole op
kan krijgen. Ik inversteer geen energie in zaken
die ik nooit kan beheersen. Kredietregelingen
m.b.v. kredietkaarten
en voor een bestuur overzichtelijke
krediethandelingen scheppen de mogelijkheiden van
bekrachtiging en konditionering die nodig zijn om
tot een goed en rechtvaardig functionerende sociale
orde te kunen komen. Bankgeheimen, onkontroleerbaar
bezit van geld, maakt teveel de misdaad mogelijk.
Met kontroleerbare kredietregelingen kan je niet
meer stelen, alleen nog maar delen. Openheid maakt
misdaad onmogelijk, ook computermisdaad. Je kan
nooit meer kredietpunten besteden dan je formeel
werden toegekend, ookal belazer je de boel nog zo
veel, de centrale rekening moet kloppen. Keerzijde
is dat openheid dus verplicht tot verantwoording,
daar moet je dan ook nee tegen mogen zeggen.
Ik
fantaseer
dus voor mezelf over een geldloze
wereld
beheerst door kredietsystemen die b.v. het belang
bekrachtigen van een samenleving zonder alcohol,
sigaretten, vleeseten (en ander misbruik van
levende wezens), gokken (en andere nutteloze
kredietbeheersingen), en sexueel misbruik. Maar als
je die zwakheden zou verbieden bij de wet, dan zou
mijn leven ook geen zin meer hebben. Al het goud in
de kluizen van de wereld mag wat mij betreft door
de wereldregering worden geconfiskeerd om om te
smelten voor gratis trouwringen die in geval van
scheiding weer moeten worden ingeleverd. Misschien
dat er meer mensen normaal willen trouwen als je er
niet voor wordt beboet maar beloond. Misschien kan
de regering ook wel een huwelijksfeest-subsidie ter
beschikking stellen om dergelijk normaal en gewenst
gedrag te bekrachtigen. Het belangrijkste produkt
van de onderneming De Staat (De Wereldstaat?) zoals
ik die wil zien is orde en het welbevinden en de
vrede van alle deelnemers daaraan. Ik fantaseer dus
eigenlijk over een formele orde die op het nivo van
De Staat funktioneert zoals een gezin funktioneert
in de zorg voor haar leden.
MIJN
MENING
Wat
ik wil is het volgende: ik wil
een
wereldregering
die voldoende verantwoordelijkheid aan de dag legt
om deze planeet van de ondergang te kunnen
weerhouden. We zijn naar mijn inzicht de
kontrôle kwijt over onze relatie met de
natuur. De bevolking kan niet eeuwig blijven
groeien zolang we op deze ene planeet zitten en we
kunnen niet altijd met oude methoden doorgaan als
er steeds meer mensen moeten worden gevoed en
steeds meer organisatie nodig is. Het klimaat
verandert en we doen niet al het nodige dat er kan
worden gedaan omdat de krachten niet worden
gebundeld bij gebrek aan
een
gemeenschappelijk idee van
orde. We
kunnen ook niet zomaar alle verworvenheden en reeds
bestaande orde over boord werpen. Ik wil wat
betreft de chaos in de wereld een
democratische
wereldregering die bij meerderheidsbesluit de
juiste beslissingen kan nemen. Om de juiste
beslissing te kunnen nemen is er een goede
efficiënte
en niet
destructieve ideëel gezonde
informatiecultuur
nodig, zoals het internet, zodat iedere
wereldburger de vrije keuze heeft om zelf de
alternatieven in overweging te kunnen nemen. Wat ik
ook wil is: geen
belastingen, geen politie en geen
legers. In
plaats daarvan wil ik een
formele orde
die een duidelijk krediet-beleid van bekrachtiging
en konditionering voert op een rationele basis met
een duidelijk omschreven doelstelling. In concreto:
het leger moet deeluitmaken van een formele, ook
burgerlijke orde van sociale kontrole (daar komen
we niet onderuit, dus zie het onder ogen), waarin
duidelijk omschreven is waar tegen wordt gevochten.
Als algemene
vijand kan
de
onwetendheid
worden aangewezen zodat de strijd handelt over de
vrije beschikbaarheid van informatie en hoe een
dergelijke kultuur moet worden bevorderd. Dit in
het algemeen. In concreto moet de 'vijand' de vorm
aannemen van een probleem dat voor de hele mensheid
herkenbaar is (waar men het democratisch over eens
is). Dit kan bijvoorbeeld de wereld-voedsel
situatie zijn, of de
woestijnvroming.
Je zou b.v. kunnen zeggen: laat de NASA de planeet
eerst maar eens regeren, als was het een
ruimteschip, voordat ze op de maan of op Mars hun
gang gaan, en laat al de militairen van de wereld
maar hun personeel zijn. Dus: duidelijk herkenbare
formele identiteiten die gezamenlijk de
verantwoording dragen voor de voeding, de kleding,
de behuizing en de
klimaatbeheersing
(d.m.v. vegetatie). Als De NASA de opdracht krijgt
systematisch alle woestijnen te cultiveren en
bevolken en daar alle
militairen van de wereld voor in te
zetten, zijn
we voorlopig wel even zoet hier op aarde en op de
goede weg.
Natuurlijk
moet deze formele orde (b.v. de WASO genoemd, de
Wold-Association of Social Order) wel een
gezamenlijke discipline voorstaan om interne en
externe machtsstrijd te kunnen voorkomen. Deze
discipline kan alleen berusten op een
vrije
deelname aan
die WASO: niemand kan ertoe worden verplicht, ookal
is het dan naar eigen vrije keuze de baan van je
leven. De discipline zelf kan niet vervreemd zijn
van de gemeenschappelijke noemer van alle
geestelijke disciplines in de wereld, m.i.v. de
wetenschappelijke disciplines. Dat betekent dat er
sprake moet zijn van een
harmoniemodel
van
vrije
toegang
en
vrije negatie.
Dat harmoniemodel moet
ecologisch bewust zijn,
d.w.z. niet met de natuur in konflikt, maar er op
bewuste, creatieve wijze, mee om gaan
(rentmeesteren) zonder het te vernietigen. Klokken
b.v. mogen met de zon, en kalenders met indeling
van de klok overeenstemmen, maar volgens De Bijbel
(en de democratie) nooit bij minderheid worden
opgelegd. Ook als minderheid moet iedereen er
altijd vrij in zijn om er ja of nee tegen te zeggen
(anders zijn we van 'Het Vierde Beest' volgens de
droom van Daniël- 7:25).
MIJN
OVERTUIGING
Ik
ben er niet
van overtuigd dat ik in m'n eentje de wereld kan
veranderen.
Ik ben er echter ook niet van overtuigd dat ik die
verandering (eventueel ten kwade) in mijn eentje
zou kunnen tegenhouden. Waar ik wel van overtuigd
ben is dat ik mijn eigen verandering in goede banen
kan leiden en dat ik creatief me aan veranderende
tijden aan kan passen zonder door de duivel (de
woede, de hartstocht, lust, leugen of bedrog)
bezeten te raken. Ik ben er ook van overtuigd dat
ik daarmee een goed voorbeeld kan vormen voor
anderen en dat dat de wereld goed kan doen. Ik ben
een gezond mens die er niet in gelooft een zondaar
te zijn (wat ik ongezond of krankzinnig vind).
Ik
ben wat mij betreft
heilig naar
mijn eigen maatstaven, maar ik beschouw mezelf wel
als een
profiteur van
de samenleving, net zoals ik ook anderen beschouw
als profiteurs. Dat profijt dat ik en de anderen
trekken verplicht mij dan tot het leveren van een
wederdienst. Ik ben ongelukkig of zelfs (geestes)
ziek
als ik er niet in slaag mijn dienstbaarheid tot
stand te brengen.
Dan voel ik mij een dief en schuldig over alles wat
ik bezit of zelfs maar kan. Ik ben ervan overtuigd
dat het een collectief belang van geestelijke
gezondheid is om de waanzin van de oorlog voor te
blijven en ervan te kunnen genezen voor ze als een
besmettelijke ziekte (die net als de Pest in de
middeleeuwen iedere dertig jaar uitbrak) de wereld
vernietigt. Ik ben er dus voor om
elkaar
in een vorm van cultuur systematisch te
waarderen
(via de media m.n., maar ook echt hoognodig af en
toe rechtstreeks). Ik
geloof in één God en stel me daar de
almachtige Tijd bij
voor die alle
levende wezens onderwerpt en konditioneert als een
almachtige, alwetende en alomtegenwoordige Orde
waar niets aan te veranderen valt, welke
tijdregelingen je ook probeert.
God
is wat mij betreft qua vorm rationeel gewoon
de
macht en werkelijkheid van goede collectieve en
individuele
levensgewoonten,
waar je gewoon wel in moet geloven.
Niet
geloven of twijfelen
aan allerlei menselijke gewoonten is natuurlijk ook
van belang, daar gewoonten hoe goed ook genoemd ook
gewoon een weerstand tegen God of de natuurlijke
verandering (evolutie?) in kunnen houden. Het is
b.v. een goede gewoonte om nuttige vitaminen d.m.v.
vleescomsumptie tot je te nemen. Maar het is een
slechte gewoonte om bij hoog en laag te beweren dat
dat vleeseten daarom noodzakelijk is of
onschadelijk alsof er geen andere, meer gezonde,
bron van vitaminen (en eiwitten) zou bestaan die
minder berust op misbruik (niet noodzakelijke
vernietiging) van andere levende wezens. Een ander
voorbeeld is sex:
het is een goede gewoonte om je sexueel te
laten
gaan en spontaan te
blijven, maar
het is een slechte gewoonte om te beweren dat dat
dus geen regeling
in de vorm van een huwelijk of vaste relatie
nodig nodig
zou hebben die de sex met een doelstelling
verbindt: namelijk het smeden van een band voor
(b.v.?) het verwekken van nageslacht. Ik geloof dat
een zekere
toleratie voor
polygamie de
samenleving kan verlossen van veel verwaarlozing
van buitenechtelijk onderhouden sexuele relaties.
Als je niet
zonder meer overtuigd bent van de noodzaak der
biologische voortplanting
en
je zelf niet wilt
trouwen,
hoeft de polygamie van een ander ook geen bezwaar
te zijn. Misschien zijn we wel betere mensen als
het niet steeds gaat over de primitieve notie van
de 'hoogste status' van het dierlijk eigenbelang
van de biologische voortplanting en wat erbij
hoort, maar als het ook eens gaat over de 'hoogste
status' van het leveren van een kulturele bijdrage
(een wellicht belangwekkender vorm van het leveren
van een 'bijprodukt').
Wat
betreft het persoonlijke
aspekt van God,
De Heer, Zijn getrouwen en Zijn culturen
(religies), ben ik overtuigd van
één
Heer die telkens een andere gedaante
aanneemt voor
verschillende kulturen, tijdperken en klimaten. Dus
in India ben ik een Hindu, in Arabië een
Islamiet, in China een confucianist met
taoistisch-boeddhistische neigingen, rond de
middellandse zee een rooms iemand en in de rest van
het vrije westen een gereformeerde grieks/romeins
wetenschappelijk gecultiveerde 'gelovige' met een
gezonde europese neiging tot de vrije natuur (zon,
bos en zee-aanbidding). Ik zie religie als een
leerschool voor de zelfstandigheid van een unieke
zelfverwerkelijking. Ik als Christen ben b.v.
niet
meer kerk-gaand,
maar zal Zijn Persoon ook niet verloochenen (om nog
maar te zwijgen van mijn overige religieuze
identiteiten). Qua praktische overtuiging ben ik
het liefs met yoga en de daarbij behorende
(geestelijke) discipline(s) bezig. De toewijding in
tempels, kerken en moskeeën zie ik meer als
een bijscholingscursus in geval van oorlog (of meer
persoonlijke strijd, b.v. een machtstrijd binnen
een huwelijk). In vredestijd
heb ik er niet zo'n behoefte
aan.
Psychotherapie
als alternatieve lekenzielzorg vindt ik
zonder
meer nuttig,
maar ik denk er net zo over als over de religieuze
zorg: het is belangrijk om
er
het einde en
de beperkingen en bijwerkingen (fanatisme bij
gebrek aan filosofie of droogheid bij gebrek aan
toewijding) van
in te zien.
HOBBY'S
Ik
hou veel van dieren,
maar alleen in de vrije
natuur.
Ik hou veel van planten.
Mits ze zichzelf weten te redden. Ik hou ook veel
van mensen
mits ze niet te veel van me eisen of me anderszins
lastig vallen (ik ben niet zo geschikt als
psychotherapeut). Ik wil graag aan verwachtingen
beantwoorden, maar dan volgens een systeem van
goede
afspraken
zoals De
Orde van de Tijd
b.v. voorstelt. Ik hou van lekker,
vegetarisch
eten
en kook
(af en toe) ook graag
volgens een eigen recept of volgens de vedische
keuken. Ik hou niet van sigaretten, ook niet als
een ander rookt, vlees eten en alcohol en
caffeïne-koffie of looizuur-thee drinken. Ik
hou
wel van hasjiesh,
maar dan alleen als liefdesmedicijn als ik verliefd
ben, anders wordt ik er maar een duf konijn van. Ik
hou
van vrouwen
maar voel me tegenwoordig iets te oud om er nog
serieus achter aan te zitten. Het vijfentwintig
jarig jubileum van dat soort aktiviteiten werd toch
geen groot feest. Dus laat maar met de sexistische
motivatie. Ik ben blij mensen op hun menszijn te
kunnen beoordelen zonder ze als sexobject of
-concurrent te zien. Niettemin
hield
ik wel van sex
(alleen nog maar duurzaam hetero met een ander
i.t.t. het experimentele verleden) en wilde ik
graag nog wel wat kinderen op de wereld willen
zetten als ik er de kans toe zou hebben gekregen
voor ze te kunnen zorgen en een traditie van
familie-gebonden eer bij te kunnen hebben (een
vrouw en leven daarvoor heb ik dus nooit gevonden).
Maar anno 2005 de vijftig voorbij zijnde acht ik
het niet langer verantwoord om zo oud nog een kind
te maken. Mijn kinderen moeten een vader hebben,
ook als ze ouder zijn.
In
mijn vrije tijd ben ik
het
liefst met muziek
bezig,
ik speelde vroeger tijdens mijn studie urenlang op
de gitaar ter compensatie van de droge
boekenwereld. (Ik ben een voorstander van wat Da
Vinci staande hield: het in evenwicht houden van
wetenschap en kunst is de juiste
gezondheidsstrategie voor het laterale brein). Na
mijn verliefdheid werd dat al ras minder en ben ik
wat met een digitale piano gaan experimenteren. In
combinatie met een computer heb ik nu een
fijne
manier gevonden om muziek te kunnen
maken
zonder direkt te moeten zweten voor het beheersen
van een instrument (wat naar mijn zaak de lol van
het musiceren bederft).
Zingen
deed ik
religieus graag
en voor
De Orde heb ik die liefde verder
ontwikkeld.
Verder
ga ik graag naar
de bioscoop
en kijk ik graag naar films
en docu's op t.v.
(ook wel andere programma's en zelfs reclame of
muziek-clips soms). Soms
schrijf ik erover,
de films analyserend zoals Freud dromen
analyseerde.
Dansen
doe
ik ook graag ookal mag ik niet meer zomaar in een
danstent achter de jonge meisjes aanzitten voor dat
soort dingen. Ik hou er niet van om bij mijn
leeftijd stil te staan, maar moet toch wel enige
verantwoordelijkheid aanvaarden voor mijn leeftijd.
Wat dansen betreft leef ik me wel uit als ik de
kans krijg. Tijdens een popconcert b.v. of op
avonden voor mensen boven de 21.
Qua
sport zwem
ik graag en deed ik jarenlang in mijn jeugd aan
Judo.
Ook basketbalde
ik een blauwe maandag, heb ik wat
getennist,
gesquashed
en een tijd regelmatig
gewandeld.
Van al dit soort sportviteiten komt niet zo veel
meer terecht sedert ik de harmonie en beheersing
van mijn lichaam in de
yoga
heb gevonden (ik ben nu ook een vegetariër,
dus dan kan ik het rustiger aandoen).
Ik
fiets wel graag
nog steeds.
Ondanks
mijn studie lees ik tegenwoordig
nog
maar zelden drukwerk
(alleen nog maar internet
e-boeken en
artikelen).
Van stapels papier wordt ik wanhopig en krijg ik
grijs haar. Sedert de computer met internet weet ik
eindelijk wat mijn bezwaren tegen drukwerk zijn:
het is een hopeloos inefficiente, bezitterige en
destructieve voodoo-achtige lustcultuur. Ook
luister ik niet veel meer naar platen, ondanks mijn
liefde voor de muziek. Ik verzamel geen platen,
boeken of foto's meer sedert ik alles verkocht om
rond te kunnen reizen in de 80-er jaren. Ik heb de
15
e cakradag
als studiedag en ik kijk normaal s'avonds t.v.
(behalve op de 7e
en 14e Cakra-dag,
dan ga ik de stad in). Wel luister ik soms wat ter
afwisseling naar de radio
of een
cd.
Ik zit hele - werk- dagen (maximaal 12 uur) voor de
computer
zowel voor
de lol
(maximaal zes uur) als voor het werk - is het een
hobby?(ook maximaal 6 uur). Vroeger in mijn
pubertijd tekende
ik veel, vooral veel grafisch werk. Dat doe ik niet
meer behalve dan wat
internetgrafiek
met de computer. Graag zou ik veel meer tijd aan
het
internet
besteden, maar heb het doorgaans te druk buiten
studiedagen om. Ik vindt het internet het ideale
medium voor creatieve en kultuurminnende
mensen.
N.B.:
Zie ook renown
ego's
voor een persoonlijke visie op de geschiedenis van
het ego: het ego als een tijd-organizer. De pagina
geeft informatie over en legt verband tussen die
historische beroemdheden waarmee ik me mee kan
identificeren en waarvan ik kan zeggen: dat zijn de
levens die geleid zouden kunnen hebben tot het
leven dat ik nu leid (ook interessant voor degenen
die in reincarnatie geloven).
naar:
GESCHRIFTEN

|